Eisen ondernemer-stagiaire

Overzicht eisen met betrekking tot ondernemer-stagiaires
Om als ondernemer-stagiaire voor beëdiging in aanmerking te komen dient aan een aantal voorwaarden te worden voldaan.

In de eerste plaats gelden (voor alle ondernemer-stagiaires) de (merendeels financiële) bepalingen van hoofdstuk VI van het Stagereglement 2010. 

Voor ondernemerstagiaires die zich associëren geldt dat de Richtlijn arbeidsvoorwaarden stagiaires voorzover mogelijk overeenkomstig wordt toegepast (artikel 4 Richtlijn). Duidelijk is dat niet alle bepalingen uit de Richtlijn overeenkomstige toepassing kunnen vinden; bovendien dient onderscheid te worden gemaakt tussen een associatie met één of meer advocaten die alle zelfstandig en onder eigen naam naar buiten treden en een associatie met een samenwerkingsverband anderzijds. In dat laatste geval is ook de Samenwerkingsverordening 1993 (artikel 1.b.) van toepassing.

Ondernemer-stagiaires komen voorts niet in aanmerking voor vrijstelling van de plicht om kantoor te houden bij de patroon (zie elders de beleidsregel voor het buitenpatronaat m.i.v. 1 februari 2011).

 

Hieronder volgt een overzicht van de door de Raad gehanteerde voorwaarden, systematisch gerangschikt.

Voor alle ondernemer-stagiaires:

  • ondernemingsplan en begroting (artikelen 16 en 19 Stagereglement);
  • beroepsaansprakelijkheidsverzekering (artikel 16.2);
  • arbeidsongeschiktheidsverzekering (artikel 16.2);
  • vrij krediet of liquide vermogen ter grootte van een jaar minimum loon (artikel 17 Richtlijn);
  • geoutilleerde praktijkruimte (artikel 20);

 

In geval van associatie:
  • voorafgaande goedkeuring Raad voor opzegging associatie tijdens stagetijd (artikel 8 Richtlijn);
  • beperkingen en aanzien van relatie- en concurrentiebedingen (artikel 17).

 

In geval van associatie met kantoor dat onder gemeenschappelijke naam naar buiten treedt:

  • garantie ten aanzien van minimuminkomen gelijk aan minimum stagiairesalaris (art. 4 Richtlijn); 
  • gemeenschappelijke beroepsaansprakelijkheidsverzekering;
  • eigen risico en excedent boven verzekerde som voor rekening van patroon c.q. kantoor;
  • gedeelde zeggenschap respectievelijk eindverantwoordelijkheid ten aanzien van praktijkuitoefening (Samenwerkingsverordening 1993, artikelen 1 en 7).